2008 : De diepvriesexpedities van Olli en Eleonora 
Do Van Ranst en Dixie Dansercour
Uitgegeven bij Davidsfonds-Infodok
Thema: Noordpool/Zuidpool
Omslagillustratie: fotowerk: Dixie Dansercour, tekeningen: Harmen van Straaten
Binnenillustratie: idem
Doelgroep: 10+
ISBN nog niet beschikbaar
? Pagina’s
Laat je meevoeren naar de Noord- én de Zuidpool. Dit boek kan je van voor naar achter én van achter naar voor lezen. Het beschrijft een expeditie vandaag de dag en een expiditie honderd jaar geleden. Lees de spannende verhalen en kom te weten hoe het is op de uikanten van onze aardbol door interessante weetjes. Geniet van de prachtige foto’s die Dixie Dansercour nam tijdens zijn avonturen naar en op de Polen…
Olli vertrekt vandaag naar de Noordpool. Alleen, dat weet hij nog niet. Alshij per toeval in een vliegtuig naar het Noorden in slaap valt (zulke toevalligheden bestaan gewoon!), maakt hij ineens ook deel uit van een expeditie. Het zal je maar overkomen! Maar gelukkig is Olli een echte held. Wat zijn broer Otto en neef Niklas ook mogen beweren. En zouden zijn ouders hem missen? Het is best wel wennen aan de barre omstandigheden op de Noordpool, maar… het is tegelijk ook een avontuur om nooit te vergeten…
Fragment:
‘Ik heet Olli.’
Ze lacht. ‘Goed, Olli. Ik moet je ouders bellen. Ze gaan je missen.’
Ik kijk naar de grond en zucht.
‘Echt wel’, zegt de dame. Ze neemt haar draagbare telefoon uit haar binnenzak en zegt: ‘Je nummer?’
Ik tik het nummer in en geef haar het toestel terug. Ik denk: Ze doen me dood!
De dame gaat een eindje van me af staan. Ze begint in het toestel te praten, maar ik kan niet verstaan wat ze zegt. Ik denk: ik had moeten zeggen dat ik gewoon meewil met die mensen. Dat ik niet naar huis kom voor ik op het noordelijkste punt van onze wereld heb gestaan. Maar ik zie het zo voor me: straks zit ik onder politiebegeleiding op een gammel toestel richting Helsinki waar ik opgewacht wordt door mijn ma met een deegrol en mijn pa met een koekenpan waarmee hij mij een dreun verkoopt (niet dat hij dat ooit al heeft gedaan, hoor, maar ik ben nog nooit als verstekeling in een vliegtuig meegevlogen richting Spitsbergen!). Julia praat, knikt, praat, kijkt mijn richting uit, praat, knikt, kijkt nog een keer, praat, knikt en klapt haar mobieltje dicht. Ze gaat bij de groep staan. Praat, gebaart van alles met haar handen en armen, praat, knikt, iedereen kijkt mijn kant uit, ze knikken, zeggen iets kort en knikken weer.
Julia komt bij me staan en zegt: ‘Zo, jongen…’
‘Sorry’, zeg ik.
‘Ja, het is niet verstandig wat je deed’, zegt ze.
‘Waren ze boos?’
Julia knikt. ‘Maar ze begrepen dat we je niet zomaar alleen terug kunnen sturen.’
‘Ze komen me halen?’ vraag ik. Nog voor ik een antwoord krijg, zeg ik: ‘dan kan ik terwijl ik wacht wel even op jullie boot gaan kijken, toch?’
De dame lacht. ‘Wat ben jij een aanhouder’, zegt ze.
‘Je mag de boot zien’, zegt ze.
‘Jiehaa’, doe ik.
‘En je vaart gewoon mee richting Noordpool.’
Even zeg ik niks. De zin die ik zopas hoorde, dendert een paar keer achter elkaar in mijn hoofd. ‘Wablief?’
Maar ook Eleonora vertrekt….
Eleonora vertrekt wel honderd jaar geleden, samen met haar vader en de bemanning van ‘De Eleonora’ richting Zuidpool. Kan zij als jong meisje zo’n avontuur wel aan? De mannen op de boot beweren van niet, maar Eleonora moet je niet onderschatten.
Zo’n expeditie was honderd jaar geleden iets heel anders dan vandaag. Net als Adriën De Gerlache, vaart ‘De Eleonora’ naar de barre Zuidpool. Ontdek hoe het er toen aan toe ging…
Fragment:
Zoals ik het in mijn gesprekken met haar heb beloofd, ga ik mijn eerste brief naar mama schrijven. (Ik weet ook wel dat ze nooit verstuurd zullen worden, om de eenvoudige reden dat ze nooit zullen aankomen want de hemel heeft geen postadres.)
Ik schrijf:
Lieve mama,
Ik zit dan toch op de boot richting Zuidpool. Eigenlijk mag ik zeggen dat ik op ‘mijn’ boot zit, want de schuit heet net als ik Eleonora. Ik ben zo trots, mama.
Het is papa’s bedoeling het traject te volgen dat de expeditie van Adrien De Gerlache heeft afgelegd, maar hij wil nog verder gaan. Papa wil vast helemaal naar de Zuidpool trekken. Ik bedoel: 90° Zuiderbreedte! Je weet hoe hij is. Als die De Gerlache tot net over de Zuidpoolcirkel voer, dan wil onze pa helemaal tot het uiterste punt van onze aardbol. Hopelijk zal het ons iets beter vergaan dan de vloot van De Gerlache. De boot vroor vast in de Bellingshausen Zee waardoor de bemanning meer dan een jaar gevangen zat in het pakijs. Ze werden geplaagd door temperaturen tot – 89 graden, rukwinden van meer den 300 km per uur, het aanhoudende gekraak van het pakijs, de voortdurende sneeuwval en vooral: de onzekerheid over hun lot! Meermaals dreigde het schip te worden verpletterd door het pakijs. Eén wetenschapper stierf aan een hartaanval en een matroos werd overboord geslagen. Sommige bemanningsleden werden krankzinnig en de hele bemanning leed aan scheurbuik. Weet je dat commandant De Gerlache zelf zijn testament schreef aan boord? En toch overleefde hij het avontuur, mama. Ik wil je niet bang maken, hoor. Ik heb alle vertrouwen in papa. Hij heeft zich goed geïnformeerd en verdiept in het avontuur van De Belgica om te slagen in zijn plan.
Zo, mama… ik ga de kok helpen met groenten snijden want ik ga hier wel de handen uit de mouwen steken. En ik ga heus niet alleen vrouwentaken voor mijn rekening nemen, hoor. Als er straks kolen moeten geschept worden of iemand moet in de vrieskou op uitkijk staan, voor mijn part in de mars, dan doe ik het ook!
Lieve zoen,
Je Leo |